Tweede Woning Belasting Berekenen: Box 3 2026
Reken in seconden uit hoeveel belasting je betaalt over je tweede woning. Gebaseerd op de actuele Box 3-regels voor 2026 met het forfaitaire rendement van 6,17%.
De belasting over een tweede woning bereken je in 2026 door de WOZ-waarde (100%) op te tellen bij je overige vermogen, de vrijstelling van €59.357 af te trekken, en het resultaat te vermenigvuldigen met 2,22% (6,17% forfaitair rendement × 36% belastingtarief). Dit betekent dat je bij een tweede woning met een WOZ-waarde van €280.000 en €40.000 spaargeld al snel meer dan €5.800 per jaar aan box 3-belasting betaalt. Gebruik de rekenmachine hieronder om jouw exacte bedrag te berekenen.
Tweede Woning Belasting Rekenmachine 2026
Vul de WOZ-waarde van je tweede woning in en eventueel overig vermogen (spaarrekening, beleggingen). De rekenmachine berekent je box 3-belasting over het totaal.
nn
nn nn
Jouw Box 3-berekening 2026
Hoe werkt Box 3-belasting op een tweede woning?
In Nederland valt een tweede woning altijd in Box 3: het box voor sparen en beleggen. Anders dan je eigen woning, die in Box 1 zit met het eigenwoningforfait en hypotheekrenteaftrek, behandelt de Belastingdienst een tweede woning puur als vermogen. Dat heeft grote gevolgen voor je belastingaangifte.
Box 3 werkt in 2026 met een forfaitair rendement. Dat betekent dat de Belastingdienst een fictief rendement berekent over je vermogen, ongeacht wat je er werkelijk mee verdient. Over dat fictieve rendement betaal je vervolgens 36% belasting.
De Box 3-formule voor 2026
De berekening van je tweede woning belasting gaat in drie stappen:
- Bepaal het belastbare vermogen: WOZ-waarde + overig vermogen – schulden in Box 3 – vrijstelling (€59.357 per persoon)
- Bereken het fictieve rendement: belastbare vermogen × 6,17%
- Bereken de belasting: fictief rendement × 36%
Dit komt neer op een effectief belastingpercentage van 2,22% (6,17% × 36%) over je belastbare vermogen. Per €100.000 belastbaar vermogen betaal je dus €2.220 per jaar aan box 3-belasting.
| Component | Waarde 2026 | Toelichting |
|---|---|---|
| Forfaitair rendement | 6,17% | Vastgesteld door de Belastingdienst voor 2026 |
| Belastingtarief Box 3 | 36% | Over het fictieve rendement |
| Effectief tarief over vermogen | 2,22% | 6,17% × 36% |
| Heffingsvrij vermogen (alleenstaand) | €59.357 | Per persoon, niet overdraagbaar |
| Heffingsvrij vermogen (partners) | €118.714 | Gezamenlijk, €59.357 per partner |
| WOZ-percentage tweede woning | 100% | Volledige WOZ-waarde telt als vermogen |
Praktijkvoorbeelden tweede woning belasting
Voorbeeld 1: Vakantiewoning + spaargeld
Je hebt een vakantiewoning met WOZ-waarde €280.000 en €40.000 spaargeld. Je hebt geen fiscaal partner.
- Totaal vermogen: €280.000 + €40.000 = €320.000
- Vrijstelling: €59.357
- Belastbaar vermogen: €320.000 – €59.357 = €263.000
- Fictief rendement: €263.000 × 6,17% = €16.227
- Box 3-belasting: €16.227 × 36% = €5.842
Voorbeeld 2: Tweede woning met fiscaal partner
Je en je partner bezitten samen een tweede woning (WOZ €450.000). Jullie hebben geen overig vermogen en geen schulden in Box 3.
- Totaal vermogen: €450.000
- Vrijstelling (2 personen): €118.714
- Belastbaar vermogen: €450.000 – €118.714 = €336.000
- Fictief rendement: €336.000 × 6,17% = €20.731
- Box 3-belasting: €20.731 × 36% = €7.463
Voorbeeld 3: Verhuurde woning in Box 3
Je verhuurt je tweede woning en ontvangt €14.400 huur per jaar. WOZ-waarde is €320.000, geen overig vermogen, geen partner.
- Huuropbrengsten zijn belastingvrij in Box 3 (geen aangifte nodig voor de huurinkomsten zelf)
- Belastbaar vermogen: €320.000 – €59.357 = €263.000
- Fictief rendement: €263.000 × 6,17% = €16.227
- Box 3-belasting: €16.227 × 36% = €5.842 (ongeacht de werkelijke huurinkomsten)
Let op: de werkelijke huurinkomsten zijn in Box 3 belastingvrij, maar de WOZ-waarde telt volledig als vermogen mee. Je betaalt dus belasting over het fictieve rendement, niet over de echte huur.
Verschil tussen eerste en tweede woning belasting
Veel mensen zijn verrast hoe anders een tweede woning wordt belast ten opzichte van hun eigen woning. Bij je eigen woning (Box 1) rekent de Belastingdienst een eigenwoningforfait als fictief inkomen, maar daar tegenover staat dat je de hypotheekrente mag aftrekken. Per saldo betalen veel eigenaren nauwelijks belasting over hun eigen woning.
Voor een tweede woning is dat volledig anders. Er geldt geen eigenwoningforfait (dat is alleen voor Box 1), maar ook geen hypotheekrenteaftrek. De hypotheekrente op een tweede woning is niet aftrekbaar. De schuld (hypotheek) mag je wel van je vermogen aftrekken in Box 3, maar alleen het nettovermogen telt mee voor de grondslag.
| Kenmerk | Eigen woning (Box 1) | Tweede woning (Box 3) |
|---|---|---|
| Belastingbox | Box 1 | Box 3 |
| Eigenwoningforfait | Ja (0,35% WOZ <€1,31M) | Nee |
| Hypotheekrenteaftrek | Ja | Nee |
| Huurinkomsten belast? | N.v.t. | Nee (fictief rendement telt) |
| Belasting over | Forfait minus renteaftrek | 6,17% × 36% van nettovermogen |
| Vrijstelling | Geen vermogensvrijstelling | €59.357 per persoon |
7 tips om belasting op je tweede woning te verlagen
- Verdeel het vermogen optimaal met je fiscaal partner. Als je een fiscaal partner hebt, kun je het vermogen in Box 3 vrij verdelen. Verdeel zo dat beiden de vrijstelling van €59.357 volledig benutten.
- Schulden in Box 3 aftrekken. Een hypotheek of andere schuld die je voor de tweede woning hebt, mag je aftrekken van je vermogen in Box 3. Dit verlaagt de grondslag en daarmee je belasting.
- Controleer de WOZ-waarde jaarlijks. De WOZ-waarde is de basis voor je belasting. Als je de waarde te hoog vindt, kun je bezwaar maken bij de gemeente. Een lagere WOZ-waarde betekent direct minder belasting.
- Overweeg schenking of verkoop bij hoge vermogens. Als je een groot vermogen hebt boven de vrijstelling, kan een strategische schenking aan kinderen de Box 3-grondslag verlagen. Laat je hierbij adviseren door een belastingadviseur.
- Controleer of erfpacht van toepassing is. Als de tweede woning op erfpachtgrond staat, kan de erfpachtcanon onder bepaalde voorwaarden als schuld gelden in Box 3. Dit verlaagt je belastbare vermogen.
- Gebruik de peildatum 1 januari strategisch. Box 3-vermogen wordt berekend op 1 januari. Als je rond die datum grote aankopen of investeringen plant, let dan op de timing. Een betaling voor 1 januari verlaagt je saldo op de peildatum.
- Bezwaar op basis van werkelijk rendement. Na de Kerstarrest-uitspraken van de Hoge Raad is het soms mogelijk om bezwaar te maken als je werkelijke rendement lager is dan het forfaitaire rendement. Raadpleeg een fiscalist voor je specifieke situatie.
Veelgestelde vragen over tweede woning belasting
Moet ik huurinkomsten van mijn tweede woning opgeven?
In principe niet als aparte inkomsten. Huurinkomsten van een tweede woning zijn in Nederland belastingvrij in Box 3. Wat je wel opgeeft is de WOZ-waarde van de woning als onderdeel van je vermogen. Over dat vermogen (minus de vrijstelling) betaal je het forfaitaire rendement van 6,17% × 36%. De daadwerkelijke huurinkomsten tellen niet mee voor de berekening.
Telt een tweede woning in het buitenland ook mee in Box 3?
Ja, als je fiscaal inwoner van Nederland bent, moet je in principe al je bezittingen wereldwijd opgeven in Box 3, inclusief een buitenlandse tweede woning. Er gelden wel voorkoming-van-dubbele-belasting-regels. Als je in het buitenland al belasting betaalt over de woning, kan dat worden verrekend. De precieze regels hangen af van het belastingverdrag met het betreffende land.
Wat is de vrijstelling bij Box 3 voor 2026?
De heffingsvrije voet in Box 3 is in 2026 €59.357 per persoon. Ben je fiscaal partner, dan heb je samen €118.714 vrijstelling. Het vermogen boven deze grens is belastbaar. Je kunt de vrijstelling vrij verdelen met je partner zolang het totaal maar niet meer dan €118.714 is.
Kan ik de kosten van mijn tweede woning aftrekken?
Nee. Kosten zoals onderhoud, verzekering en gemeentelijke heffingen voor een tweede woning zijn niet aftrekbaar in Box 3. Je kunt alleen de hypotheekschuld van de tweede woning als schuld opvoeren in Box 3, waardoor je nettovermogen lager uitvalt. Hypotheekrente zelf is niet aftrekbaar voor een tweede woning.
Wat is het verschil tussen WOZ-waarde en marktwaarde voor Box 3?
Voor Box 3 gebruikt de Belastingdienst de WOZ-waarde, niet de marktwaarde. De WOZ-waarde wordt jaarlijks door de gemeente vastgesteld op basis van vergelijkbare woningverkopen in de omgeving. Soms wijkt de WOZ-waarde af van de actuele marktwaarde. Als je de WOZ-waarde te hoog vindt, kun je binnen zes weken na ontvangst van de WOZ-beschikking bezwaar maken bij de gemeente.
Gerelateerde rekenmachines
- Vermogensbelasting Box 3 berekenen – bereken de belasting over al je Box 3-vermogen
- Jaaropgave berekenen – wat staat er op je jaaropgave en wat doe je ermee?
- Hypotheek met twee inkomens berekenen – hoeveel kun je lenen met twee inkomens?
Samenvatting: tweede woning belasting 2026
Een tweede woning valt altijd in Box 3 en wordt belast op basis van de WOZ-waarde. In 2026 geldt een forfaitair rendement van 6,17% over je belastbare vermogen (vermogen minus vrijstelling van €59.357). Over dat fictieve rendement betaal je 36% belasting. Effectief komt dat neer op 2,22% van je belastbare vermogen per jaar.
Huurinkomsten van een verhuurde tweede woning zijn belastingvrij, maar de WOZ-waarde telt onverkort mee als vermogen. Hypotheekrente op een tweede woning is niet aftrekbaar, maar de schuld zelf verlaagt wel je Box 3-grondslag. Gebruik de rekenmachine bovenaan deze pagina om je persoonlijke belasting te berekenen en gebruik de tips om je aanslag te minimaliseren.
- Belastingdienst – Box 3 vermogen
- Rijksoverheid – Box 3
- Wet inkomstenbelasting 2001, artikel 5.2 (heffingsvrij vermogen)
- Belastingplan 2026, Box 3-parameters
Pagina bijgewerkt: juni 2026 | Auteur: Lars, belastingspecialist | Deze informatie is informatief en geen fiscaal advies. Raadpleeg een belastingadviseur voor jouw specifieke situatie.
Alle berekeningen op deze pagina zijn gebaseerd op officiële Nederlandse bronnen: Belastingdienst.nl, Rijksoverheid.nl, CBS.nl en Nibud.nl. Tarieven gelden voor 2026. Lees ons redactioneel beleid.

