Tegels Berekenen
Bereken hoeveel tegels en dozen je nodig hebt voor een vloer of wand, met snijverlies per legpatroon en 5% reserve. Gratis en direct in je browser.
Kort antwoord: deel de oppervlakte die je wilt betegelen door de oppervlakte van één tegel en tel er snijverlies (7 tot 15%, afhankelijk van het legpatroon) plus 5% reserve bij. In één vierkante meter gaan 11,11 tegels van 30×30, 4 tegels van 50×50, 2,78 tegels van 60×60, 1,56 tegels van 80×80 en 1,39 tegels van 60×120. Weet je de oppervlakte nog niet, bereken dan eerst de vierkante meters.
Voorbeeld badkamer: een vloer van 2,5 × 2 m (5 m²) in 60×60 en wanden van samen 9 m lang, betegeld tot 2,4 m hoog, min 1,68 m² voor de deur (19,92 m²) in 30×60 halfsteens. Dan bestel je 16 vloertegels (4 dozen van 1,44 m²) en 124 wandtegels (16 dozen van 1,44 m²). De berekening staat hieronder uitgeschreven.
Tegelcalculator: hoeveel tegels en dozen heb je nodig?
Tegels berekenen: hoeveel tegels heb je nodig?
Tegels berekenen komt neer op één basisrekensom: de oppervlakte die je wilt betegelen, gedeeld door de oppervlakte van één tegel. Daar komt een marge bij voor snijverlies, die afhangt van het legpatroon, en een kleine reserve voor later. Wie die marge overslaat, staat halverwege de klus zonder tegels, met het risico dat dezelfde productiepartij niet meer leverbaar is.
Hieronder vind je de formule, een tabel met tegels per m² per formaat, het snijverlies per legpatroon, een uitgewerkt badkamervoorbeeld en wat voegbreedte met je berekening doet.
De formule stap voor stap
Reken eerst in vierkante meters en pas aan het eind in tegels en dozen:
- Netto oppervlakte. Lengte × breedte, min uitsparingen. Bij een wand is de lengte de totale lengte van alle wanden en de breedte de hoogte tot waar je tegelt; deuren en ramen trek je eraf.
- Totaal nodig. Netto × (1 + snijverlies + reserve). Bij recht verband met reserve is dat netto × 1,15.
- Oppervlakte van één tegel. (lengte in cm × breedte in cm) / 10.000. Een tegel van 60 × 60 cm is 3.600 / 10.000 = 0,36 m².
- Tegels per m². 1 / oppervlakte per tegel. Bij 60 × 60 is dat 1 / 0,36 = 2,78.
- Aantal tegels. Totaal nodig / oppervlakte per tegel, naar boven afgerond.
- Aantal dozen. Totaal nodig / m² per doos, naar boven afgerond. De m² per doos staat op de verpakking.
- Te bestellen m². Aantal dozen × m² per doos.
Rekenvoorbeeld: een vloer van 6 × 5 meter is 30 m². Met recht verband (10%) en 5% reserve heb je 30 × 1,15 = 34,5 m² nodig. In tegels van 60 × 60 is dat 34,5 / 0,36 = 95,8, dus 96 tegels. Zitten er 1,44 m² (4 tegels) in een doos, dan is 34,5 / 1,44 = 23,96, dus 24 dozen. Je bestelt dan 24 × 1,44 = 34,56 m².
Tegels per m² per formaat
De tabel toont de theoretische aantallen op basis van het nominale formaat, zonder voeg en zonder snijverlies. De laatste kolom geeft het aantal tegels voor 10 m² inclusief 10% snijverlies en 5% reserve (11,5 m²).
| Tegelformaat (cm) | m² per tegel | Tegels per m² | Tegels voor 10 m² (+15%) |
|---|---|---|---|
| 15 × 15 | 0,0225 | 44,44 | 512 |
| 20 × 20 | 0,04 | 25 | 288 |
| 30 × 30 | 0,09 | 11,11 | 128 |
| 30 × 60 | 0,18 | 5,56 | 64 |
| 45 × 45 | 0,2025 | 4,94 | 57 |
| 45 × 90 | 0,405 | 2,47 | 29 |
| 50 × 50 | 0,25 | 4 | 46 |
| 60 × 60 | 0,36 | 2,78 | 32 |
| 60 × 120 | 0,72 | 1,39 | 16 |
| 75 × 75 | 0,5625 | 1,78 | 21 |
| 80 × 80 | 0,64 | 1,56 | 18 |
| 100 × 100 | 1 | 1 | 12 |
| 120 × 120 | 1,44 | 0,69 | 8 |
Snijverlies per legpatroon
Bijna geen ruimte is precies een geheel aantal tegels breed. Langs de randen zaag je tegels op maat, en het afgezaagde stuk is vaak niet elders bruikbaar. Hoeveel je verliest, hangt vooral af van het patroon:
| Legpatroon | Snijverlies | Met 5% reserve | Waarom |
|---|---|---|---|
| Recht verband, grote ruimte | 10% | 15% | Alleen de randtegels worden gezaagd. |
| Halfsteensverband | 7% | 12% | Het restant aan het eind van een rij is vaak het begin van de volgende rij. |
| Kleine of onregelmatige ruimte | 10% | 15% | Relatief veel randen, hoeken en nissen ten opzichte van de oppervlakte. |
| Diagonaal leggen | 15% | 20% | Elke randtegel wordt schuin doorgezaagd; de driehoeken passen zelden elders. |
| Visgraat of Hongaarse punt | 15% | 20% | Veel schuine zaagsneden langs alle randen. |
De 5% reserve is los van het snijverlies: die bewaar je voor een tegel die later breekt. Tegels uit een andere productiepartij kunnen net iets afwijken in kleur en maat, dus bijbestellen is geen garantie. Werk je met grote tegels, wees dan niet krap: één misgezaagde tegel van 60 × 120 kost je meteen 0,72 m².
Uitgewerkt voorbeeld: tegels berekenen voor een badkamer
Een badkamer van 2,5 × 2 meter krijgt een vloer van 60 × 60 en wanden van 30 × 60 in halfsteensverband, betegeld tot 2,4 meter hoog. Beide tegels zitten per 1,44 m² in een doos.
| Stap | Vloer (60 × 60) | Wanden (30 × 60) |
|---|---|---|
| Netto oppervlakte | 2,5 × 2 = 5 m² | 9 m × 2,4 m − 1,68 m² deur = 19,92 m² |
| Snijverlies + reserve | 10% + 5% (kleine ruimte) | 7% + 5% (halfsteens) |
| Totaal nodig | 5 × 1,15 = 5,75 m² | 19,92 × 1,12 = 22,31 m² |
| Tegels per m² | 2,78 | 5,56 |
| Aantal tegels | 16 | 124 |
| Dozen van 1,44 m² | 4 (5,76 m²) | 16 (23,04 m²) |
De omtrek van de wanden is 2 × (2,5 + 2) = 9 meter. De deur van 0,8 × 2,1 m gaat eraf; een klein raam of de ruimte achter een inbouwreservoir kun je ook aftrekken als je die niet betegelt. Kies in de calculator hierboven Wand om dit na te rekenen.
Voegbreedte en de berekening
De voeg tussen tegels is meestal 2 tot 5 mm; bij sommige keramische buitentegels en natuursteen is die breder. Technisch gezien vult de voeg oppervlakte die je anders met tegel zou vullen, dus strikt genomen heb je met brede voegen iets minder tegels nodig.
In de praktijk verwerken de meeste mensen de voeg niet apart in de som. De winst is klein en valt weg tegen de snijmarge die je toch aanhoudt. Wat wél belangrijk is: reken de voegbreedte mee als je de indeling van de ruimte uitzet, zodat je weet waar de eerste en laatste rij uitkomen. Een rij van 2 centimeter breed langs de mooiste muur wil je liever verschuiven naar een minder zichtbare kant.
Voor de voegmortel zelf geldt: het verbruik hangt af van tegelmaat, voegbreedte en tegeldikte. Op de verpakking van de voegmortel staat een verbruikstabel of formule; gebruik die in plaats van een ruwe schatting.
Praktische tips voor je bestelling
- Bestel in hele dozen. Rond het aantal dozen altijd naar boven af; de calculator doet dat al en laat zien hoeveel m² je dan werkelijk bestelt.
- Bewaar de reserve. Een gebarsten tegel over vijf jaar vervang je alleen mooi met een tegel uit dezelfde partij.
- Controleer het batchnummer. Kijk bij levering of alle dozen hetzelfde nummer hebben en meng de tegels uit verschillende dozen tijdens het leggen.
- Plinten apart rekenen. Tegelplinten reken je in strekkende meters: meet de omtrek van de ruimte, trek deuropeningen eraf en tel ook hier een marge op.
- Leg het patroon eerst droog. Vooral bij visgraat of een halfsteensverband voorkom je zo verrassingen aan de randen.
- Denk aan de ondergrond. Tegellijm, egaliseermiddel en eventueel een ontkoppelingsmat reken je op basis van vierkante meters en de verbruiksgegevens van de fabrikant.
Wil je de berekening nog eens per stap nalopen voordat je bestelt? Bij RB Tegels vind je de uitleg per stap om te berekenen hoeveel tegels je nodig hebt, met een tabel per formaat en tegels voor elke ruimte.
Hoeveel tegels heb ik nodig?
Vermenigvuldig lengte × breedte, tel snijverlies en 5% reserve erbij en deel door de oppervlakte van één tegel. Een vloer van 6 × 5 m (30 m²) met recht verband wordt 34,5 m². In 60 × 60 cm zijn dat 96 tegels, of 24 dozen van 1,44 m².
Hoeveel tegels van 60×60 gaan er in een vierkante meter?
2,78. Een tegel van 60 × 60 cm is 0,36 m², en 1 / 0,36 = 2,78. Een doos met 4 tegels bevat 1,44 m². Voor 10 m² met 10% snijverlies en 5% reserve heb je 32 tegels nodig.
Hoeveel tegels van 50×50 gaan er in een m²?
Precies 4. Een tegel van 50 × 50 cm is 0,25 m². Voor 10 m² met 10% snijverlies en 5% reserve heb je 46 tegels nodig.
Hoeveel tegels heb ik nodig voor de badkamer?
Reken vloer en wanden apart. Voor een badkamer van 2,5 × 2 m met een vloer in 60 × 60 en wanden in 30 × 60 halfsteens tot 2,4 m hoog (min 1,68 m² deur) heb je 16 vloertegels (4 dozen van 1,44 m²) en 124 wandtegels (16 dozen van 1,44 m²) nodig.
Hoe bereken ik tegels voor de badkamer?
Vloer: lengte × breedte. Wanden: omtrek van de ruimte × hoogte tot waar je tegelt, min deur en ramen. Tel per vlak het snijverlies van het legpatroon plus 5% reserve erbij en deel door de oppervlakte van één tegel. Rond tegels en dozen naar boven af.
Hoe bereken ik hoeveel tegels ik nodig heb?
Totaal nodig = netto m² × (1 + snijverlies + reserve). Aantal tegels = totaal nodig / (lengte cm × breedte cm / 10.000), naar boven afgerond. Aantal dozen = totaal nodig / m² per doos, naar boven afgerond. Snijverlies is 7% bij halfsteens, 10% bij recht verband en 15% bij diagonaal of visgraat.
Hielp deze rekenmachine je verder?