De inhoud van een cilinder bereken je met de formule V = π × r² × h. Daarin is V het volume, r de straal van de cirkelbodem en h de hoogte van de cilinder. Klinkt eenvoudig — en dat is het ook, als je de stappen goed volgt. In dit artikel lees je precies hoe je de inhoud van een cilinder berekent, met meerdere uitgewerkte voorbeelden, een handige tabel en uitleg over bijzondere gevallen zoals holle cilinders en het omrekenen naar liters.
Wat is een cilinder?
Een cilinder is een driedimensionale figuur met twee gelijke, parallelle ronde bodems verbonden door een rechte zijwand. Denk aan een blikje frisdrank, een waterkoker, een opslagtank of een betonnen pijler. De cilinder is een van de meest voorkomende vormen in de techniek, het onderwijs en het dagelijks leven.
De twee maten die je nodig hebt om een cilinder te beschrijven zijn:
- De straal r van de cirkelbodem (of de diameter d, waarbij r = d ÷ 2)
- De hoogte h van de cilinder
Met die twee waarden kun je zowel de inhoud als de oppervlakte berekenen.
De formule voor de inhoud van een cilinder
Het volume (de inhoud) van een cilinder bereken je met:
V = π × r² × h
Waarbij:
- V = volume (in cm³, dm³, m³ of liter)
- π = pi = circa 3,14159
- r = straal van de bodem (niet de diameter!)
- h = hoogte van de cilinder
Let op: de formule gebruikt de straal, niet de diameter. Heb je de diameter gegeven? Deel die door 2 om de straal te krijgen. Een cilinder met diameter 10 cm heeft straal 5 cm.
Wil je ook andere wiskundige berekeningen doen? Bekijk onze percentage berekenen tool of gebruik de basis rekenmachine op onze site.
Inhoud cilinder berekenen: stap voor stap
Volg deze drie stappen om de inhoud van elke cilinder te berekenen:
Stap 1: Bepaal de straal (r)
Meet de diameter van de bodem of bovenkant van de cilinder. Deel dit getal door 2. Dit is de straal.
Voorbeeld: een blikje met diameter 7 cm heeft straal r = 7 ÷ 2 = 3,5 cm.
Stap 2: Kwadrateer de straal (r²)
Vermenigvuldig de straal met zichzelf: r × r. Dit geeft de oppervlakte van de cirkelbodem (zonder de factor π).
Voorbeeld: 3,5 × 3,5 = 12,25
Stap 3: Vermenigvuldig met π en de hoogte
Bereken het eindresultaat: π × r² × h
Voorbeeld: het blikje is 11 cm hoog: 3,14159 × 12,25 × 11 = 423,3 cm³
Eén kubieke centimeter is gelijk aan één milliliter (ml). Het blikje heeft dus een inhoud van 423,3 ml — bijna een halve liter.
Vijf uitgewerkte rekenvoorbeelden
Hieronder staan vijf praktijkvoorbeelden van cilinder berekeningen die in het dagelijks leven voorkomen:
| Object | Diameter | Hoogte | Straal | Inhoud |
|---|---|---|---|---|
| Frisdrank blikje | 6,6 cm | 11,5 cm | 3,3 cm | 394 cm³ = 394 ml |
| Waterkoker | 18 cm | 22 cm | 9 cm | 5.597 cm³ ≈ 5,6 liter |
| Regenton | 60 cm | 90 cm | 30 cm | 254.469 cm³ ≈ 254 liter |
| Silo (tank) | 2 m | 5 m | 1 m | 15,7 m³ = 15.700 liter |
| Zwembad (rond) | 6 m | 1,2 m | 3 m | 33,9 m³ = 33.900 liter |
Wil je de berekening voor een zwembad doortrekken naar kosten? Bekijk hoeveel procent van je budget je kwijt bent via onze percentage calculator.
Inhoud cilinder omrekenen naar liters
Als je de inhoud van een cilinder in liters wilt uitdrukken, gebruik dan de volgende omrekeningstabel:
| Eenheid | Gelijk aan |
|---|---|
| 1 cm³ | 1 ml (milliliter) |
| 1 dm³ | 1 liter |
| 1 m³ | 1.000 liter |
| 1.000 cm³ | 1 liter |
Bereken je volume eerst in cm³ of m³, en reken daarna om naar liters. Dat is handig voor tanks, vaten, zwembaden of opslagcontainers.
Voorbeeld: een regenton met diameter 60 cm en hoogte 90 cm:
- r = 30 cm
- V = 3,14159 × 30² × 90 = 3,14159 × 900 × 90 = 254.469 cm³
- Omrekenen: 254.469 ÷ 1.000 = 254,5 liter
Oppervlakte van een cilinder berekenen
Naast de inhoud wil je soms ook de oppervlakte weten, bijvoorbeeld voor verf, isolatiemateriaal of plaatwerk. Er zijn twee oppervlakteberekeningen:
Zijoppervlakte (manteloppervlakte)
De zijkant van een cilinder is een rechthoek die je oprolt. De breedte van die rechthoek is de omtrek van de cirkelbodem (2 × π × r), de hoogte is h:
A (zijkant) = 2 × π × r × h
Totale oppervlakte
Tel de zijkant op bij de twee ronde bodems (elk π × r²):
A (totaal) = 2 × π × r × (h + r)
Voor het blikje (r = 3,3 cm, h = 11,5 cm):
- Zijkant: 2 × 3,14159 × 3,3 × 11,5 = 238,3 cm²
- Twee bodems: 2 × 3,14159 × 3,3² = 68,4 cm²
- Totaal: 238,3 + 68,4 = 306,7 cm²
Holle cilinder berekenen (pijpen en buizen)
Een holle cilinder (zoals een PVC-buis, afvoerpijp of betonnen pijler) heeft een grote buitenstraal R en een kleine binnenstraal r. De inhoud van het materiaal bereken je dan als:
V = π × (R² − r²) × h
Voorbeeld: een betonnen zuil met buitendiameter 40 cm, binnendiameter 30 cm en hoogte 100 cm:
- R = 20 cm, r = 15 cm
- V = 3,14159 × (20² − 15²) × 100
- V = 3,14159 × (400 − 225) × 100
- V = 3,14159 × 175 × 100 = 54.978 cm³ ≈ 55 liter beton
De lege ruimte binnenin de pijp heeft inhoud: π × 15² × 100 = 70.686 cm³ ≈ 70,7 liter.
Veelgemaakte fouten bij het berekenen van cilinders
Bij het berekenen van cilinderinhoud gaan mensen het vaakst fout op deze punten:
- Diameter gebruiken in plaats van straal — de formule vraagt om r, niet d. Halveer de diameter altijd eerst
- Eenheden mixen — reken straal en hoogte altijd om naar dezelfde eenheid vóór je berekent (dus niet straal in cm en hoogte in m)
- Pi afronden tot 3,14 — gebruik voor nauwkeurige berekeningen minimaal 3,14159 of de π-toets op je rekenmachine
- Kwadraat vergeten — het gaat om r², niet r. 5² is 25, niet 10
- Hoogte vs diameter verwisselen — meet altijd de hoogte loodrecht op de bodems, niet schuin
Cilinder berekening in de praktijk: toepassingen per vakgebied
De cilinderformule wordt in veel vakgebieden dagelijks gebruikt. Hieronder een overzicht:
- Bouw: inhoud van betonnen pijlers, funderingspalen en silo’s bepalen voor materiaalberekeningen
- Loodgieterij: capaciteit van boilers en wateropslagtanks berekenen voor systeemontwerp
- Landbouw: opslag van graan of vloeistoffen in ronde silo’s inschatten om beladingsgewicht te bepalen
- Verpakkingsindustrie: hoeveelheid product in blikjes of flessen bepalen voor productie-efficiëntie
- Milieutechniek: opslagcapaciteit van brandstoftanks en septic tanks berekenen conform wettelijke eisen
- Onderwijs: verplicht leerstof voor wiskunde klas 3-4 vmbo/havo/vwo
In het onderwijs zijn volumes van 3D-vormen onderdeel van het examentprogramma. De Rijksoverheid stelt via het kerncurriculum dat leerlingen meetkunde inclusief ruimtemeetkunde moeten beheersen.
Handige rekenregels en ezelsbruggetjes
Bij het werken met cilinderformules zijn er een paar handige regels om fouten te voorkomen en snel te rekenen:
- Pi onthouden: gebruik altijd minimaal 3,14159. Op een wetenschappelijke rekenmachine druk je op de π-knop voor meer decimalen
- Diameter versus straal: als je een cilinder meet, meet je bijna altijd de buitenkant (diameter). Halveer altijd voor de formule
- Snel schatten: π ≈ 3 geeft een snelle schatting. Voor een cilinder van r = 10 cm en h = 10 cm: 3 × 100 × 10 = 3.000 cm³ (echte waarde: 3.142 cm³)
- Volume verdubbeld bij grotere straal: verdubbel de straal, dan verviervoudigt het volume (want r² gaat keer 4)
- Eenheden standaardiseren: werk altijd in één eenheidssysteem. Alles in cm of alles in m — nooit mixen
In de wiskunde op school (vmbo, havo, vwo) zijn deze regels onderdeel van het standaard repertoire voor ruimtemeetkunde. Wil je ook het gemiddelde van een reeks getallen berekenen? Lees dan onze uitleg op de rekenmachine pagina.
FAQ: veelgestelde vragen over inhoud cilinder berekenen
Wat is de formule voor de inhoud van een cilinder?
De formule is V = π × r² × h. Hierin is r de straal van de bodem (helft van de diameter) en h de hoogte van de cilinder. Pi (π) is circa 3,14159.
Hoe bereken ik de inhoud van een cilinder in liters?
Bereken het volume eerst in cm³ via V = π × r² × h. Deel het resultaat door 1.000 om liters te krijgen. Bereken je in dm³, dan is het resultaat al direct in liters. In m³ vermenigvuldig je met 1.000 voor liters.
Wat is het verschil tussen inhoud en oppervlakte van een cilinder?
Inhoud (volume) is de hoeveelheid ruimte binnenin de cilinder, uitgedrukt in cm³ of liter. Oppervlakte is de totale buitenkant (zijkant plus twee ronde bodems), uitgedrukt in cm².
Hoe bereken je de inhoud van een holle cilinder?
Gebruik de formule V = π × (R² − r²) × h. Hierin is R de buitenstraal en r de binnenstraal. Zo bereken je het volume van het materiaal zelf (de wand), niet de lege ruimte erin.
Waarvoor gebruik je de cilinderformule in het dagelijks leven?
Voor het berekenen van de inhoud van opslagtanks, waterkokers, zwembaden, blikjes, regentonnen, PVC-buizen en betonnen pijlers. Overal waar een rond object een vaste hoogte heeft, past deze formule.
Conclusie: inhoud cilinder berekenen met V = π × r² × h
De inhoud van een cilinder berekenen is eenvoudig met de formule V = π × r² × h. Zorg dat je de straal gebruikt en niet de diameter, houd eenheden consistent, en reken het resultaat desgewenst om naar liters door te delen door 1.000 (als je in cm³ hebt gerekend).
Met de voorbeelden en tabellen in dit artikel kun je vrijwel elk type cilinder berekenen, van een blikje frisdrank tot een grote opslagtank. Oefen met de stap-voor-stapuitleg en je hebt de formule snel onder de knie.
Meer wiskundetools? Bekijk onze percentage calculator of BMI calculator. Wil je financiële berekeningen doen? Onze bruto netto calculator en BTW calculator helpen je snel verder.
Geschreven door het team van deonlinerekenmachine.nl
Lees ook: ‘Vierkante Meter Berekenen 2026: Formule, Calculator en Praktijkvoorbeelden’
Lees ook: Inhoud Berekenen 2026: Alle Formules, Vormen en Praktijkvoorbeelden
Alle berekeningen op deze pagina zijn gebaseerd op officiële Nederlandse bronnen: Belastingdienst.nl, Rijksoverheid.nl, CBS.nl en Nibud.nl. Tarieven gelden voor 2026. Lees ons redactioneel beleid.
